Stellen

Veel dyslectische, maar ook niet-dyslectische, leerlingen hebben grote moeite met schriftelijk formuleren. Ze vinden het lastig goede zinnen te formuleren en een logisch geordende tekst te schrijven. Ze hebben moeite met het onderscheiden van hoofd- en bijzaken, en het aanbrengen van een logische structuur. Het gevolg is, dat hun teksten voor een buitenstaander moeilijk toegankelijk zijn. Laten we voorop stellen dat, net zoals bij begrijpend lezen, ICT-middelen geen wonderen verrichten. De leerling moet zijn eigen gedachten op papier zetten, en als deze chaotisch zijn, dan wordt dat weerspiegeld in zijn teksten, óók die met ICT-middelen zijn gemaakt. Wat kunnen ICT-middelen dan wel doen voor leerlingen met schrijfproblemen?

Structureren van informatie

Het is handig, voordat men begint met schrijven, na te denken over het onderwerp, het doel en de doelgroep. Bij het bepalen van de inhoud kunnen mindmapprogramma’s goede diensten bewijzen. Door het maken van een mindmap focust de leerling zijn aandacht op het centrale idee (onderwerp). Allerlei zaken die met dit centrale idee te maken hebben, kunnen worden toegevoegd. Daarna kan de leerling de begrippen ordenen en rangschikken. De mindmap vormt zo de basis voor de te schrijven tekst. Schrijven is nu een kwestie van tekstjes schrijven bij kopjes. Geavanceerde mindmapprogramma’s beschikken over icoontjes en illustraties om de ideeën te visualiseren. Men kan teksten koppelen aan de labels van de mindmap. Ze zijn voorzien van spellingcontrole en soms zelfs van een voorleesstem (bijvoorbeeld Spark Space). Het importeren van externe informatie is mogelijk, evenals het exporteren van mindmaps naar bijvoorbeeld Word of Powerpoint. Gratis programma’s (bijvoorbeeld Freemind) hebben een eenvoudige grafische weergave met weinig illustraties en iconen.

Informatie verzamelen

De computer is een uitstekend hulpmiddel bij het verzamelen van informatie. Tegenwoordig is informatie via allerlei digitale bronnen (b.v. internet, pdf-bestanden) beschikbaar. Deze informatie is voor leerlingen met dyslexie moeilijk toegankelijk als een voorleeshulp ontbreekt. Beschikt men wel over hulpmiddelen, dan maken deze het gemakkelijker de ingewonnen informatie te verwerken in eigen werkstukken. Door de mogelijkheid papieren documenten om te zetten naar digitale documenten, worden informatiebronnen beter toegankelijk. Gescande teksten, foto’s, tekeningen en dergelijke kunnen een goede basis vormen voor het schrijven van eigen teksten.

Raadplegen van woordenboeken (w.o. synoniemenboek)

Als een leerling teksten schrijft en gebruikmaakt van bronnen als internet en dagbladen, is het onverstandig moeilijke begrippen klakkeloos over te nemen. Door de betekenis op te zoeken en eigen bewoordingen te gebruiken, laat de leerling zien dat hij begrijpt wat hij schrijft. Geïntegreerde en andere digitale woordenboeken kunnen daarbij van dienst zijn. Een synoniemenwoordenboek helpt bij het kiezen van een woord met een gelijke betekenis (bijvoorbeeld kabouter _ dwerg). Dit is handig als de schrijver een grotere variatie in woordkeus wil aanbrengen. De tekstverwerker Word heeft zo’n woordenboek. De voorleesprogramma’s, die in Word geïntegreerd zijn (SprintPlus,, ClaroRead, L2S) beschikke over een eigen woordenboek en kunnen daarnaast gebruik maken van het synoniemenwoordenboek van de tekstverwerker. Kurzweil 3000 beschikt over een eigen synoniemenwoordenboek.

Schrijven en redigeren met de tekstverwerker

Schrijven op de computer wordt door veel leerlingen als prettig ervaren. De leerling hoeft zich, door de spellingcontrole, minder te bekommeren om de spelling. Verder zien getypte teksten meestal er verzorgder uit dan geschreven  teksten. Doordat eenvoudig tekst kan worden toegevoerd, verwijderd, verplaatst en vervangen blijft het getypte werk er overzichtelijk uitzien. Ook het toevoegen van illustraties is gemakkelijk. Tenslotte bieden de vele opmaakmogelijkheden een goede gelegenheid om de tekststructuur beter zichtbaar te maken. Veel leerlingen maken zich zich dat tegenwoordig vanzelf eigen.

Controleren van eigen teksten

Voor een leerling met dyslexie is het goed als hij zijn geschreven tekst kan terughoren. Hierdoor kan hij reflecteren op zijn schrijfproduct. Hij hoort of bepaalde woorden goed zijn gespeld, zinnen goed lopen en de inhoud van de tekst klopt. Als de leerling fouten hoort, kan hij de tekst zelf redigeren. Alle voorleesprogramma’s en Dragon kunnen geschreven teksten hardop nalezen. Zowel Kurzweil 3000, SprintPlus, ClaroRead als L2S kunnen teksten in van tevoren vastgestelde eenheden lezen (bijvoorbeeld zinnen of alinea’s).

Dicteren tegen de computer

Bij sommige leerlingen verloopt het schrijven met de computer dermate moeizaam dat men overweegt de tekst te laten dicteren. De leerling spreekt uit wat hij op papier wil zetten. In hoofdstuk 2 is al aangegeven dat deze werkwijze niet voor elke leerling geschikt is. Als leerlingen langer met Dragon NaturallySpeaking werken, zijn ze in staat langere teksten te schrijven met complexer en rijker woordgebruik (Smeets & Callebaut, 2005). Bij andere auteurs ziet men vergelijkbare resultaten (Smits & Van der Helm, 2001; Raskind & Higgins, 1999).