Visie en beleid

Strategische beleidskeuzes

Integrale onderwijszorgvisie/-beleid en ICT-beleid

Implementatie van ICT-middelen dient een plek te hebben binnen de onderwijszorgvisie, de missie en het onderwijszorgbeleid van de school. Voor beleidsformulering op het gebied van ICT bestaat er een brede verantwoordelijkheid: zowel door het management) als docenten/begeleiders worden ingrediënten geleverd.

Het is verstandig het ICT-beleid vast te leggen in beleidsdocumenten (schoolplan, onderwijszorgplan). Als dit nog niet is gebeurd, moeten daarvoor op managementniveau (directie/onderwijszorgcoördinatie) stappen worden gezet.

Dyslexiebeleid en ICT-beleid

Dyslexie is een van de gebieden waarop het onderwijszorgbeleid zich richt. Onder dyslexiebeleid wordt verstaan: het formuleren, bewaken en borgen van alle activiteiten die de school voor dyslectische leerlingen ontplooit. Er dient ruime aandacht te zijn voor het meten van de effecten van de hulp en de borging hiervan. De inzet en implementatie van ICT-middelen moet goed aansluiten bij het al geldende dyslexiebeleid. Daartoe is het zinvol om na te gaan in hoeverre het bestaande ICT-beleid aansluit bij de wens om ICT-middelen verantwoord in te zetten voor leerlingen met ernstige lees- en/of spellingproblemen. De volgende aspecten zijn hierbij van belang:

  • Doelstellingen die behaald willen worden met de aanschaf en inzet van de ICT-middelen;
  • Daaruit voortvloeiende criteria voor aan te schaffen middelen;
  • Faseren van de volgorde van invoering van de ICT-middelen;
  • Criteria voor de toegang tot de middelen: welke leerlingen krijgen wat, met welk doel en hoe lang en hoe wordt het gebruik gemonitord en geëvalueerd?;
  • Bepalen van de personen die de leerlingen begeleiden bij het gebruik van de middelen, inclusief de omschrijving van hun taken;
  • De wijze waarop de ouders betrokken worden bij het gebruik van de middelen, inclusief het omschrijven van hun ondersteuningsmogelijkheden;
  • Bepalen van de deskundigheidsbevordering (kennis, vaardigheden) die gewenst is en de manier waarop deze gestalte krijgt;
  • Benoemen van personen die verantwoordelijk zijn voor monitoring, evaluatie, effectmeting en borgen van ICT-beleid;
  • Toekennen van doorlopend budget voor ICT-middelen voor dyslexie.

Dyslexiebeleid en het daarbij horende ICT-beleid dient evenals andere onderwijszorg-arrangementen opgenomen te zijn in een dyslexiebeleidsplan dat onderdeel uitmaakt van het onderwijszorgplan. Het verdient aanbeveling om uitwerking van het ICT-beleid eveneens vast te leggen in beleidsdocumenten (ICT-plan binnen dyslexiebeleidsplan). Het veelvoorkomend onderscheid in korte, middellange en lange termijn is een uitstekende fasering voor ICT. Juist omdat op dit terrein veel en snelle veranderingen plaatsvinden, is een meerjarenplan (met tussentijdse mogelijkheid tot bijstelling) een vereiste. Indien dit nog niet is gerealiseerd, moeten daartoe stappen worden gezet.

Voorwaarden

Schoolinterne dyslexie-/ICT-werkgroep

Implementatie van dyslexiebeleid vergt veel van een schoolorganisatie, omdat vrijwel veel personeelsleden hierbij worden betrokken. Veranderen van gedrag gaat niet van de ene op de andere dag; vaak stuit men op een gebrek aan kennis en vaardigheden, soms op weerstand tegen verandering. Dyslexiebeleid vraagt een integrale benadering, waarbij de werkzaamheden van alle betrokkenen op elkaar afgestemd moeten worden.

Bij het implementeren van ICT-middelen luistert dit nog nauwer. Het lijkt misschien eenvoudig om dyslectische leerlingen toe te rusten met een tablet of een laptop met voorleesprogramma, maar de praktijk laat zien dat dit wordt onderschat. Vaak wordt te weinig geïnvesteerd in scholing van de leraren, het aanreiken van toepassingsmogelijkheden in de klas of het scannen van boeken, die niet door Dedicon beschikbaar zijn gesteld.

Om succesvolle implementatie te bevorderen, is een schoolinterne werkgroep dyslexie van belang. Deze groep is de schakel tussen het algemeen schoolbeleid (schoolmissie en visie op onderwijszorg) en de uitvoeringspraktijk. Deze werkgroep maakt vanuit het algemene beleid een vertaalslag naar de op dyslexie of ICT toegespitste onderdelen en stemt zowel af met het management als met de werkvloer.

Vanwege de schakelfunctie verdient het aanbeveling deze werkgroep breed samen te stellen. We adviseren in de werkgroep de volgende functies te laten vertegenwoordigen: lid van het managementteam (of iemand die mandaat heeft), intern begeleider/zorgcoördinator, zorgspecialist, ICT’er en enkele leraren. Het verdient aanbeveling om ook leerlingen en ouders structureel te betrekken bij de ontwikkelingen op ICT-gebied.

Professionaliseringsbeleid

Invoering van technische hulpmiddelen vergt niet alleen dat de betrokkenen op de hoogte zijn van de beschikbare middelen en de werking ervan, ook dient extra aandacht besteed te worden aan het gebruik in de klas en beheer van materialen en documenten. Hiertoe dient een professionaliseringsplan te worden opgesteld, waarin aangegeven wordt welke scholing nodig is, welke personen daaraan deelnemen, waar deze ‘gehaald’ (extern of intern) wordt en hoe de kwaliteit daarvan wordt bewaakt. De volgende kennisontwikkeling dient bij voortduring plaats te vinden:

  1. De werkgroepleden moeten kennis ontwikkelen over de manier waarop ze het personeel, de leerlingen en de ouders kunnen ondersteunen in het gebruik van de middelen.
  2. ICT’ers moeten kennis ontwikkelen over de technische en infrastructurele inzet van de materialen (technisch) in afstemming met de inhoudelijke doelstellingen.

Docenten, leraren en zorgspecialisten moeten kennis en vaardigheden ontwikkelen om leerlingen goed te begeleiden. Monitoren, evalueren en meten van effecten maakt hier onderdeel van uit.

Financiën en facilitering

Niet alleen dienen financiën gereserveerd te worden voor de aanschaf van de benodigde ICT-materialen. Er dient ook ruimte gecreëerd te worden voor:

  • Interne en/of externe professionalisering van de ICT-werkgroep en het team;
  • De ontwikkeling en het beheer van de digitale infrastructuur;
  • Het onderhoud (update/upgrade/reparatie) van ICT-materialen;
  • Public relations en communicatie rond ICT-middelen.

Het creëren van financiële ruimte betekent niet alleen het reserveren van financiële middelen voor het betalen van rekeningen (materialen, trainingen), maar óók voor taakuren die toebedeeld worden aan de werkgroep en het overige personeel. Succes is alleen verzekerd als ruimte, tijd en middelen voorhanden zijn om ICT-middelen goed in te voeren. Als een school alleen drijft op het enthousiasme van werkgroepleden en er geen facilitering in taken tegenover staat, dan verzandt het verrichte werk binnen korte tijd. Veel van de geïnvesteerde energie gaat verloren en helaas ook de motivatie om in de toekomst nog te investeren in het ondersteunen van leerlingen met behulp van ICT-middelen.