Een gouden standaard 1 – wat kán het voorleesprogramma?

Momenteel bestaan zes voorleesprogramma’s die alle hun eigen voor- en nadelen hebben. Hoe mooi zou het zijn als er een voorleesprogramma bestond dat het beste van deze programma’s verenigt? In onderstaande tekst geven we aan waaraan een optimaal voorleesprogramma voldoet met betrekking tot de voornaamste drie functies:

1. Voorlezen

Een optimaal voorleesprogramma kan digitale teksten voorlezen met goed klinkende stemmen. Het maakt niet uit in welk programma deze teksten geopend zijn (bv. Word, Outlook, Chrome, Adobe Reader), voorlezen is altijd mogelijk. Bij het voorlezen van internetpagina’s wordt uitsluitend de tekst gelezen die de lezer selecteert. Liefst zijn er meerdere stemmen voor de eigen taal, zodat de gebruiker kan kiezen welke stem het best bevalt. Er zijn verder stemmen aanwezig voor minimaal de drie belangrijkste vreemde talen: Engels, Frans en Duits. Gezien de opkomst van Spaans, is ondersteuning daarvan een pluspunt. Het leestempo van de stemmen is traploos instelbaar, zodat het past bij het leestempo of de tekstverwerkingssnelheid van de gebruiker. Liefst zijn pauzes tussen de woorden en zinnen aan te brengen, zodat het voorlezen langzamer kan, zonder de uitspraak van woorden aan te tasten. Tijdens het voorlezen wordt de gelezen tekst met twee kleuren gemarkeerd: de voorgelezen zin en het voorgelezen woord (we noemen dit een dubbele meeleescursor). Het zorgt ervoor dat de gebruiker goed weet waar hij is gebleven. De mogelijkheid bestaat om het lezen te stoppen na losse woorden, zinnen of alinea’s. Bij het voorlezen bestaat de mogelijkheid automatisch in te zoomen op de pagina, zodat de tekst goed mee te lezen is. De pagina scrolt automatisch naar beneden als dat nodig is. Zodra het einde van de pagina wordt bereikt, komt de nieuwe pagina automatisch in beeld en gaat het voorlezen verder. Als een werkboek is ingevuld in het voorleesprogramma, kan de originele en ingevulde tekst aansluitend gelezen worden. Worden meerdere talen in een document gebruikt, dan schakelt het programma zonder grote problemen naar de andere taal. Het programma kan digitale schoolboeken van Dedicon voorlezen. Het beschikt over de mogelijkheid om pagina’s te scannen in kleur. De kwaliteit van de OCR (tekstherkenning) is hoog. Het programma is in staat om foto-pdf’s om te zetten in voorleesbare tekst-pdf’s. Tenslotte: de mogelijkheid bestaat om gedrukte teksten om te zetten in audiobestanden, zodat ze beluisterd kunnen worden op een mp-3-speler.

2. Schrijven

Een optimaal voorleesprogramma werkt volledig geïntegreerd in de tekstverwerker die de gebruiker hanteert. Alle opmaakmogelijkheden zijn beschikbaar in het vertrouwde programma. Het voorleesprogramma maakt gebruik van de volgende spellingondersteuners:

  • De spellingcontrole is uitvoerig (heeft een groot corpus woorden) en beschikt over een eigen database met woorden die dyslectici regelmatig fout schrijven. De standaard spellingcontrole voldoet namelijk niet als geschreven woorden te sterk afwijken van de juist spelling. De voorgestelde alternatieven moeten voorgelezen kunnen worden. De mogelijkheid moet bestaan nieuwe woorden en woordenlijsten toe te voegen aan de spellingcontrole, zoals vaktermen en namen. Het moet uiteraard mogelijk zijn onterecht toegevoegde woorden te verwijderen uit de spellingcontrolelijst.
  • Het voorleesprogramma beschikt over woordvoorspelling, die niet alleen woorden voorspelt op basis van ingetypte letters, maar ook op basis van hetgeen de gebruiker misschien had willen schrijven. Het is handig als beide soorten voorspellingen in twee rijtjes worden aangeboden: dit is overzichtelijker dan het tonen in één rijtje. Bij het tonen van voorspelde woorden wordt aanvullende informatie gegeven over: (a) homofonen, (b) andere vervoegingen van het werkwoord en (c) het aaneenschrijven van woorden.
  • Het programma kan homofonen (dit zijn woorden met één uitspraak, maar twee schrijfwijzen en betekenissen: bv. hij/hei, wij/wei) tijdens of na het typen aanduiden. Door een homofoon te markeren kan de gebruiker zien welke alternatieve spelling en betekenis bestaat. De betekenissen van de homofonen worden verder verduidelijkt met tekeningen en voorbeeldzinnen. Het corrigeren van een homofoon moet gemakkelijk verlopen. De gebruiker moet zelf kunnen bepalen welke homofonen aan hem getoond worden, zodat hij niet afgeleid wordt door homofonen, die hij altijd correct schrijft.
  • Het programma kan tenslotte de eigen teksten voorlezen tijdens en na het typen. De gebruiker kan zelf bepalen welke eenheden (klanken, woorden, zinnen, alinea’s) voorgelezen worden tijdens het typen. Het voorleestempo kan worden aangepast. Er kunnen pauzes worden ingelast tussen woorden en zinnen, zodat het controleren van eigen werk wordt vergemakkelijkt.

Bij het invullen van een werkboek moeten lettertype en lettergrootte te wijzigen zijn, zodat de tekst ‘past’ in het werkboek. Alternatieve invulmogelijkheden moeten aanwezig zijn, zoals markeerstiften, strepen, rechthoeken en cirkels. Hierdoor kunnen multiple-choice-vragen gemakkelijker worden beantwoord. Het aaneengesloten lezen van de vragen/opdrachten en ingevulde antwoorden is mogelijk, evenals de mogelijkheid om snel lege plekken in het werkboek in te vullen (met een zgn. invulcursor). Uiteraard moeten de antwoorden snel geprint kunnen worden. Als de leerling een gedeeltelijk ingevuld werkboek verlaat moet het automatisch worden opgeslagen, zodat geen informatie verloren gaat.

3. Studeren

Studeren is een vooral iets wat je met je hoofd doet, en niet met een computer. Wel kan voorleessoftware het studeren een stuk gemakkelijker maken. Deze opties zijn bijzonder ondersteunend:

  • Een goed voorleesprogramma heeft meerdere verklarende woordenboeken in huis, bijvoorbeeld basiswoordenboek met eenvoudige uitleg en een uitvoerig woordenboek met uitleg die afgestemd is op mensen met een grotere woordenschat.
  • Er is een synoniemenwoordenboek aanwezig, waardoor de gebruiker tijdens het schrijven van teksten kan variëren in zijn woordkeus.
  • Het programma beschikt over vertaalwoordenboeken voor de talen die het programma ondersteunt (Engels, Frans, Duits, Spaans..). Een aanvullende optie is een vertaalmodule, die ook in staat is om zinnen en teksten te vertalen. Momenteel wordt Google Translate hiervoor ingezet; de kwaliteit van de vertalingen is nog beperkt, maar deze zal in de komende jaren zeker verbeteren.
  • Het programma kan teksten markeren met zgn. markeerstiften. De gemarkeerde teksten kunnen uit de tekst gelicht worden, waardoor -als de juiste zinnen zijn geselecteerd- een samenvatting ontstaat.
  • Het programma is in staat om gemakkelijk een mindmap te maken. Deze mindmap is achteraf gemakkelijk aan te passen. Vanuit de mindmap kan de gebruiker direct beginnen met het schrijven van teksten: de teksten zijn dus gekoppeld aan de labels van de mindmap. Het switchen tussen de mindmap en de geschreven teksten moet snel en overzichtelijk verlopen.

Voorleesprogramma’s met vertaalwoordenboeken

Niets is lastiger dan een Engelse, Franse of Duitse tekst te moeten lezen, waarin onbekende woorden staan. Dyslectische leerlingen hebben in het algemeen veel moeite met het automatiseren van woordjes. Nieuwe woorden kunnen vaak wel korte tijd vastgehouden worden, maar de spelling en vertaling zakken snel weg. Hoe langer iemand in het voortgezet onderwijs zit, hoe meer woorden gekend moeten zijn. In de bovenbouw van het VO en in het beroepsonderwijs gaan docenten/methodes uit van een vrij grote woordenschat. Voor iemand met dyslexie vallen al heel gauw veel gaten in een tekst. Hoe meer gaten er vallen, hoe minder de context helpt om de vertaling af te leiden. Het is natuurlijk mogelijk onbekende woorden op te zoeken in een woordenboek, maar dit kost dyslectische leerlingen veel tijd: ze moeten veel meer opzoeken, bovendien verloopt het opzoeken trager, omdat de woorden op een pagina erg veel op elkaar lijken. Een bijkomend gevolg is dat het begrip van de hele tekst in gevaar komt (door het trage, onderbroken lezen). Vanwege deze problemen is het van belang dat woorden snel opgezocht kunnen worden. In Kurzweil 3000 zijn woordenboeken voor alle talen opgenomen. Sprint Plus Van Dale beschikt over woordenboeken in de talen Frans, Duits en Engels. Beschikt het programma niet over woordenboeken, dan kan een apart digitaal woordenboek worden aangeschaft. Prisma en Van Dale verkopen digitale woordenboeken, die niet eens zo duur zijn. Natuurlijk zijn er gratis woordenboeken; ook daarmee kun je een heel eind komen. Bij gratis woordenboeken moet je een apart venster openen om het woord op te zoeken; bij de betaalde woordenboeken hoef je de tekst op het scherm niet te verlaten. Dat is net iets handiger.

Woordvoorspelling in voorleesprogramma’s

Vrijwel iedereen kent de woordvoorspelling als je een woord zoekt in Google. Hoe meer letters je typt, hoe dichter de voorspelling zit bij hetgeen je bedoelt. Deze voorspellling werkt alleen goed als je de eerste letters van een woord correct schrijft. Begin je met de verkeerde letter(s), dan wordt het bedoelde woord niet gevonden.

Professionele voorleesprogramma’s beschikken vrijwel allemaal over een ingebouwde woordvoorspeller. Voordat de dyslecticus begint met typen, wordt de woordvoorspeller aangezet. Het ziet uit als een  klein venster met lege regels. Zodra de eerste letters van een woord worden getypt, zal het programma proberen te voorspellen wat de schrijver bedoelt. De voorspelde woorden komen onder elkaar te staan. Hoe meer letters iemand typt, hoe groter de kans is dat het bedoelde woord in de lijst staat. Staat het woord eenmaal in de lijst, dan kan men erop klikken. Het woord wordt dan overgenomen in de tekst. Door de woordvoorspeller te gebruiken tijdens het typen voorkom je veel schrijffouten. De dyslecticus wordt zo snel mogelijk met het juiste woordbeeld geconfronteerd. Dit zorgt ervoor dat het juiste woordbeeld beter inslijpt.

Er zijn verschillen tussen de woordvoorspellers van de diverse programma’s: de verschillen zitten in de omvang van het lexicon waaruit de voorspeller kiest. Staat een woord niet in het lexicon, dan wordt niets voorspeld. Eenvoudige woordvoorspellers voorspellen alleen op basis van de ingetypte letters. Als je bv. concentratie laat beginnen met konse, dan bestaat grote kans dat niet het juiste woord wordt voorspeld. Geavanceerde woordvoorspellers voorspellen ook op basis van hetgeen de schrijver mogelijk bedoelt. De programma’s Sprint en WoDy maken die ‘slimme woordvoorspelling’ het mooist zichtbaar. In twee rijtjes laten deze programma’s voorspelde woorden zien: links op basis van de getypte letters, rechts op basis van hetgeen de schrijver mogelijk bedoelt. Beide woordvoorspellers kunnen binnen andere Windows-programma’s gebruikt worden, zoals Word en PowerPoint. De woordvoorspellers van ClaroRead en L2S kunnen eveneens ‘slim voorspellen’. Het verschil met Sprint en WoDy is, is dat de woorden in één rijtje staan. Dat is in mijn ogen iets minder overzichtelijk. Opvallend is dat Kurzweil 3000 nog niet over slimme woordvoorspelling beschikt; dat is opvallend gezien de kosten van het programma.

Voorleesprogramma’s met verklarende woordenboeken

Lezen kost dyslectische leerlingen veel tijd, omdat vaak sprake is van een tempoprobleem. Dyslectische kunnen teksten gemakkelijk twee- tot driemaal zo langzaam lezen als iemand die geen leesprobleem heeft. Als er in een tekst ook nog eens lastige woorden staan, die het begrip verstoren, dan gaat het leestempo nog verder omlaag. Opzoeken in een woordenboek kost dyslectici veel extra tijd omdat de woorden op een pagina sterk op elkaar lijken. Iemand met dyslexie kan tijdwinst boeken door gebruik te maken van digitale woordenboeken.

Bij Kurzweil 3000 is een verklarend woordenboek ingebouwd. Dubbelklikken op een woord en dan op ‘verklaren’ drukken, levert heel snel de juiste betekenis op. Sprint Plus Van Dale beschikt over een verklarend woordenboek, net zoals Wody. De andere, hier beschreven voorleesprogramma’s (ClaroRead en L2S) beschikken niet over verklarende woordenboeken

Voorleesprogramma’s: de markeerfunctie

Alle professionele voorleesprogramma’s (Kurzweil 3000, Sprint Plus, ClaroRead en L2S) beschikken over de mogelijkheid om woorden of zinnen te markeren met de markeerstiften. De gemarkeerde teksten kunnen daarna worden opgeslagen, zodat de markeringen ook zichtbaar zijn als ze een volgende keer wordt gebruikt. Om het leeswerk te verminderen is het bij alle programma’s mogelijk de markeringen uit de tekst te lichten. Hierdoor blijven alleen de gemarkeerde tekstdelen over, die in een apart document worden geplaatst. Het leren van deze ‘aantekeningen’ kost veel minder tijd, omdat de overbodige tekst weggelaten is. Bij Kurzweil is het mogelijk om de verschillende markeerkleuren anders te laten inspringen. Hierdoor is het nog gemakkelijker om hoofd- en bijzaken van elkaar te onderscheiden. Bij Sprint (Plus) en ClaroRead is dat niet mogelijk. De gebruiker zal het inspringen dan zelf moeten verzorgen (als hij daar behoefte aan heeft).

De zin van het voorlezen van eigen teksten

Mensen met dyslexie schrijven soms de meest eenvoudige woorden verkeerd. Hier zitten vaak ook luisterwoorden bij (dit zijn woorden die je kunt schrijven zoals ze klinken). Omdat deze woorden vaak vrij kort zijn, zien dyslectici ze gemakkelijk over het hoofd. Bij de meeste regelwoorden (dit zijn woorden waarbij een spellingregel moet worden gebruikt), biedt de voorleesfunctie geen uitkomst, behalve bij de korte klinkerregel. Dit is de regel die de verdubbeling van de medeklinker in een woord bepaalt, bv. in verpakking. Laat dit nou net de regel zijn die veel dyslectische mensen heel lastig vinden. Als een tekst voorgelezen zou worden, zouden die fouten wel opvallen. Op dat moment kunnen deze fouten alsnog worden gecorrigeerd.

Alle voorleesprogramma’s kunnen zelf geschreven teksten hardop voorlezen. Bij de betaalde programma’s is de kwaliteit van de stemmen beter dan bij de gratis programma’s. De meeste professionele programma’s beschikken over één stem per taal: Alleen Kurzweil 3000 heeft meer stemmen per taal. Dat kan van belang zijn als een stem niet bevalt.

Het is zowel mogelijk te laten voorlezen tijdens het schrijven als ná het schrijven. Als iemand het voorlezen tijdens het typen aanzet, vindt er vrij snel feedback plaats. Het is mogelijk het programma zodanig in te stellen dat na één woord, een leesteken (punt, komma etc.) of een alinea gestart wordt met voorlezen. Heel langzame schrijvers vinden feedback na één woord handig; iets snellere schrijvers geven de voorkeur aan feedback na een leesteken of alinea. Er zijn ook dyslectici die de tekst liever laten voorlezen als hij helemaal ‘klaar’ is. Het hangt dus van de gebruiker af welke voorkeur men heeft. Het is daarom verstandig de verschillende mogelijkheden te laten uitproberen.

Toepassing bij verschillende leeftijden en graden van dyslexie
Mensen met een ernstige vorm van dyslexie zullen deze functie heel handig vinden. Ze horen direct of ze woorden hebben weggelaten, letters zijn vergeten of verkeerde letters hebben geschreven. Ook bij jonge kinderen, die nog bezig zijn de basisprincipes van de spelling te leren, zal deze functie goede diensten bewijzen. Dyslectici die ouder zijn, of minder moeite met de spelling hebben, zullen de functie vaak minder waarderen: hij leidt af van het schrijven. Toch kan deze functie om nog een andere reden bruikbaar zijn: doordat de zinnen worden voorgelezen, hoort de dyslecticus weggelaten woorden, verkeerde woordvolgordes en te lange zinnen (dit zijn zgn. syntactische fouten). Dit biedt de dyslecticus een kans om alsnog correcties aan te brengen. Hij of zij is zodoende minder afhankelijk van anderen (om zijn of haar teksten te beoordelen).

Spellingcontrole

Professionele voorleessoftware (Kurzweil 3000, Sprint Plus, ClaroRead en L2S) beschikt over spellingcontrole. Hier is sprake van ‘gewone’ spellingcontrole. ‘Gewone’ spellingcontrole geeft alternatieven als een woord fout gespeld is. Dat heeft zijn beperkingen. Woorden die niet in het ‘lexicon’ (woordenboek) van het programma voorkomen worden fout gerekend. Dat is bijvoorbeeld het geval bij namen en weinig voorkomende vaktermen. Woorden waarvan méér schrijfwijzen bestaan (bv. word en wordt) worden door de spellingcontrole niet fout geteld. Het programma Sprint (Plus) is het enige programma dat een spellingcorrector heeft, die speciaal voor dyslectische mensen is gemaakt. Het programma zal veel meer fouten herkennen en ook méér alternatieven aanbieden. Dit komt doordat het lexicon van deze spellingcorrector groter is en speciaal voor mensen met dyslexie is ontworpen. Ondanks spellingcontrole zullen altijd fouten blijven staan in een tekst. Om deze te verminderen is het altijd zinvol om ook woordvoorspelling, homofonenhulp en voorlezen tijdens typen te gebruiken tijdens of na het schrijven van een tekst.