25.000 kinderen met dyslexie krijgen geen hulpmiddelen op school

Vijfenveertig procent van de circa 55.000 leerlingen met dyslexie in het basisonderwijs werkt op school niet met een hulpmiddel, omdat hun school dit niet ter beschikking stelt. Dit blijkt uit een peiling die Balans onlangs onder 124 ouders van leerlingen met dyslexie hield’ (Balans Magazine).

Als behandelaar binnen een dyslexieteam (Amalexis, Geleen) moet ik helaas bevestigen dat dit beeld heel herkenbaar is. Dat het percentage zó hoog is, verbaast me wel. Ondanks het feit dat technische hulpmiddelen al een hele tijd beschikbaar zijn en steeds betaalbaarder worden, is de inzet beperkt en de kennis over ICT-hulpmiddelen schrikbarend klein. Tijdens ouderavonden voor dyslectische leerlingen blijkt dat veel ouders dán pas geconfronteerd worden met de mogelijkheden die technische hulpmiddelen bieden. De strijd die ouders vaak leveren om de hulpmiddelen binnen de school te krijgen, is tijdsintensief en frustrerend. Met het oormerken van zorggelden zou een deel van dit probleem opgelost kunnen worden. Het argument dat er ‘geen geld voor is’ geldt dan helemaal niet meer.

Om technische hulpmiddelen goed te implementeren is echter méér nodig dan louter het aanschaffen ervan. Een implementatietraject kan ervoor zorgen dat deze hulpmiddelen ook daadwerkelijk ingezet worden, en dyslectische leerlingen ondersteund worden bij functionele lees- en schrijfopdrachten.

Een reactie plaatsen